Het Rugzakje.

30 10 2009

Soms heb je van die modeverschijnselen die maar niet uit willen raken. Zo wil de skinny jeans maar niet verdwijnen, maar aangezien die nog enigzins aanvaardbaar is, kan daar mee geleefd worden. Waar niet geleefd mee kan worden, is het feit dat de rugzak nog steeds fanatiek gedragen wordt door een groep mensen. En ik zie ze. Heel. Erg. Vaak.  

Hebt U al medelijden? Nee? Nou, dan begin ik eerst maar eens met Het Grote Waarom. Laten we wel zijn, wat de wikipedia ook zegt; de rugzak is een uitvinding uit het jaar nul van ongetwijfeld één of andere gek die z’n handen vrij wilde hebben als hij iets avontuurlijks wilde doen als bergbeklimmen of wandelen. Zo lekker als je de handen vrij hebt in de natuur. En in diezelfde natuur had de rugzak ook moeten blijven. Kijk, een willekeurige eekhoorn kan nog hoog de boom inschieten, een konijntje kan in zijn hol kruipen en een vogel kan gewoon wegvliegen. Wij gewone mensen kunnen dat daarentegen niet.  

En als je nou denkt: ‘Zo, wat doet dat kreng lullig over rugzakken?’ Ik help je uit de droom.  Ook ik heb er mee rond gelopen op de middelbare school. Met een rugzak, ja. Had die dingen in wel tien varianten, want dat was hip. En ik was vijftien. Ere wie ere toekomt; mijn moeder vond het vreselijk. Bless her. Want ik dank onze lieve heer dat het beetje wijsheid wat ik in de loop der jaren heb vergaard, ook inhoudt dat ik inzie dat rugzakken lelijk zijn.  ‘A menace to society.’ Niets meer, niets minder.

No offense, maar zag iedereen dat maar. Backpackers zijn nog tot daaraan toe. Ik begrijp volledig dat je niet met een hutkoffer  door Australië zeult. Maar dat je als middelbare man met een baard ( let er maar eens op; het zijn altijd middelbare, magere mannen met baard en bril) met een rugzak op pad gaat? Dat is om te huilen. Wat nog veel vreselijker is, is dat veel vrouwen ook nog steeds een rugzak dragen, maar dan de kleine variant. Zie je opeens zo’n grote brede vrouw met een ietepetierig rugzakje op de rug. Dat is ten eerste niet handig, want zakkenrollers zien je van tien kilometer aankomen.  Ten tweede; het is gewoon horrible.

Op één of andere manier zie ik die mensen met rugzak nu heel vaak. Want ambtenaren in Den Haag houden van rugzakken. En dus wordt er regelmatig in de tram of in de trein zo’n rugzak tegen je aan geduwd. En altijd, maar dan ook altijd, zit er iets in met scherpe punten. Daar word een mens niet blij van. Zeker niet als de drager-in-kwestie helemaal niets in de gaten heeft. Want zo’n rugzak op de – juist- rug is een aparte entiteit. Zo’n ding dat gewoon zijn eigen weg gaat. Lekker onafhankelijk opstellen van je eigenaar, want dan heeft die ten minste zijn handen vrij.  En zitten wij met de rugzak – letterlijk- in onze maag.





De eerste dag.

2 09 2009

Na een pauze van een dag ben ik weer beland op de eerste dag van mijn nieuwe werkplek. In Den Haag.  Een paar inwerkuurtjes, een aantal meetings en een nieuw plan de campagne verder, heb ik het gevoel dat ik er al weken werk. Daar in Den Haag.

nieuwebaan2

Een verschil is het wel. Van een redactie met tientallen bellende mensen in een lelijk betonnen pand naar een Haags monumentaal pand waar ik met een aantal andere meiden rustig zit te werken op een communicatieafdeling in een kleinere kamer. Met uitzicht op de straatkant, dat dan weer wel. Dus ik zie nog weer eens wat anders dan bomen, bomen en nog eens bomen.

Een beetje langer reizen is het wel. Maar aangezien ik nog genoeg huiswerk te doen heb op het gebied van ontwikkelingssamenwerking, zijn die uurtjes welbesteed aan het inlezen en stukken schrijven. Met cola light en een Ipod op je oren kom je die tijd ook makkelijk door.

Het verlies van de dagelijkse salade met pijnboompitten zou ook wel eens makkelijker verwerkt kunnen worden dan gedacht. De meeste collega’s lunchen namelijk tussen de middag aan lange tafels met biologisch eten. Je werkt natuurlijk niets voor niets bij een NGO. Tegen een kleine dagelijkse bijdrage die  wordt ingehouden op je salaris, kan je gewoon lekker aanschuiven. En daadwerkelijk praten mét je collega’s. Een groot verschil met de vorige omroepwerkgever waar ik op dat tijdstip tegen meerdere deadlines zat aan te beuken.

U begrijpt; voor een eerste dag was het helemaal niet slecht. Integendeel. Alleen één nadeel; mijn hoofd zit vol. Overvol. Met informatie over nieuwe onderwerpen, namen en gezichten van nieuwe collega’s ( dank u god voor de uitvinding van het smoelenboek) en een nieuw CMS. Maar dat slijt vanzelf wel. En anders slaap ik nog een nachtje. Of twintig. Komt het best allemaal goed daar in Den Haag.





De laatste dag.

1 09 2009

En opeens was ‘ie er sneller dan verwacht; de laatste werkdag. Stiekem dacht ik dat ik nog een dagje moest, maar dat bleek toch niet door te gaan. Voor ik het wist zat ik op maandagavond aan de borrel met een paar, inmiddels hartstikke, oud-collega’s op het terras. Proostend op ons afscheid.

nieuwe baan

Want ik ben niet de enige die weg gaat. En ook niet de enige die ontevreden is of geen zin had aan een burnout. Was het dan zo slecht bij de vorige werkgever? Mwah. Niet alles was slecht. Veel collega’s van verschillende redacties ga ik missen, de coca cola light breaks ’s middags met de meisjes ook, dat geldt ook voor de salade met pijnboompitten uit de kantine en de barkeeper van het café onder in het pand gaat zeker hard gemist worden.  De jongens van de postkamer waren ook altijd ronduit lief  en als je je verveelde kon je altijd wel één of andere radiodj klieren.

Maar daar houdt het wel mee op. En mind you, ik ben een groot voorstander van de term ‘don’t look back in anger.’ D’r is namelijk niet veel wat de tijd niet kan helen. Bovendien is werk ook maar werk en zolang je niet met een burnout op de bank beland, gaat het best goed.

En daarom konden we proosten gisteravond met veel wijn op ons vertrek en nog harder proosten op de nieuwe banen. Die hebben we toch maar mooi gevonden in deze barre tijden. Is ook wat waard. Kunnen we morgen weer fijn beginnen aan een nieuwe dag. Maar dan in Den Haag.





Nieuwe Baan.

7 08 2009

De onderhandelingen zijn nog niet helemaal achter de rug, het contract nog niet getekend, maar ik heb ‘m mooi al wel; een nieuwe baan.

De omroepwereld wordt verruild voor een NGO in Den Haag. Een nieuwe wereld, nieuwe mensen, een andere werkwijze en een andere stad; ik ben er aan toe. Wel blijf ik webredacteur. Want daar hou ik nu eenmaal van. En ik mag daar straks ook teksten tikken, maar niet meer onder die hoge tijdsdruk stukjes produceren over vliegtuigen die van de radar verdwijnen of weet-ik-wat.

Het zal wel even wennen worden, maar daar is niets mis mee. Een NGO is geen omroep en Den Haag geen Hilversum. Gelukkig maar.  Niet omdat de omroepwereld alleen maar vervelend is. Integendeel, want d’r lopen een hoop gezellige mensen rond. Maar op een zeker moment heb je het gehad met tijdelijke contracten, lage salarissen en de lange werkuren. En ik kan U vertellen dat de nieuwsvloer ook niet de makkelijkste ruimte is om in te werken. Ik heb niet voor niets zelf mijn ontslag ingediend.

Dit duurt nog een paar weken. En dat is prima te doen. Daarna wordt het anders en breekt d’r een nieuwe periode aan. Vast weer met z’n eigen hoogte- en dieptepunten, maar zin dat ik er aan heb.

En zo hoort het ook.





North Sea Jazz.

6 07 2009

Het was even een jaartje wachten, maar vrijdagavond barst het jazzfeestje dan toch echt los in Rotterdam. En dat festijn heet North Sea Jazz.

Een drie dagen durend festival waar je de meest uiteenlopende artiesten op het gebied van jazz, maar ook soul en zelfs rap kunt zien. Want denk je dat het allemaal van die mannen in zwarte pakken zijn die moeilijke, niet te volgen jazz riedeltjes staat te tokkelen, dan heb je het goed mis. Natuurlijk zijn die er wel te vinden, maar meestal ergens in een zaaltje achteraf.

De grote zalen zijn bestemd voor sterren als Chaka Khan, Paul Simon of zelfs Snoop Doggy Dog. En die laatste gaf overigens één van de leukste, energiekste optredens ooit. En ik kan het weten, want ik was erbij.  Wie kan nu nee zeggen tegen een aantal rappers die heel hard schreeuwen dat we het moeten droppen ‘like it’s hot.

Dit jaar heeft het festival ook een fantastische line-up. Geluksvogels die al vrijdag naar het feestje gaan, kunnen kiezen tussen artiesten als BB King en Duffy.  Ga je op zaterdag? Dan kan je artiesten als Erykah Badu, Amos Lee of James Talor niet overslaan. Zondag gaan we uit ons dakje met optredens van – waar zullen we eens beginnen- Seal, Adele, Q-tip, Kyteman, Postman, Melody Gardot en Jamie Cullum.

Dat wordt rennen tussen de champagne, prosecco, mojito’s, oesters en de kibbeling door. Jaja, want waar het vaak op festivals zoeken is naar goed eten en drinken is dat hier geen probleem. Wilt U oesters? Prima, krijgt U oesters bij de oesterstand. Maar als U zin heeft in Thais, Italiaans of iets anders trés exotisch dan komt U ook aan Uw trekken.

Heerlijk vond ik die variatie toen ik voor het eerst in 1999 werd uitgenodigd voor North Sea Jazz – het was nog in Den Haag- door twee bankiers met teveel geld en een voorkeur voor jonge blonde vrouwen. ‘Ik heb nog een kaartje over,’ zei Bankier 1 aan de telefoon. ‘Ga je mee?’  ‘Mwah,’ antwoordde ik. Want dat zeg je als je negentien bent en denkt dat North Sea Jazz vooral bedoeld is voor vijftigjarige Rita Reys- minnende mensen. ‘D’r is champagne,’ zei de beste man daarna. En toen was ik om.

Gelukkig maar, want die zondag had ik het helemaal naar mijn zin. Ik dronk cocktails, at oesters en sushi, danste de longen uit mijn lijf tijdens een optreden van een Zuid-Afrikaanse band ( geen idee wie of wat) en deinde lekker mee met een optreden van de Amerikaanse saxofonist David Sanborn. Ik werd die dag verliefd op North Sea Jazz.  En bleef komen. Al heb ik één editie moeten skippen vanwege een rug die niet bepaald mee werkte. U begrijpt hoe blij ik was die dag.

Maar de andere edities, zelfs in Rotterdam ( Den Haag bleek een beetje te klein),  maakten alles goed. Zo herinner ik me een onvergetelijk optreden van Marcus Miller die inviel als vervangende act toen twee jaar geleden Amy Winehouse niet kwam opdagen. De DJ zette ‘Rehab’  in en de zaal ontplofte. Duizenden mensen stonden keihard dat beroemde nummer over een rehab mee te zingen. Kippenvel. Dat geldt ook voor een optreden van Leela James die tijdens een zinderend optreden giga veel mensen uit het publiek trok om op het podium te dansen. Heerlijk.

Daarom verheug ik mij mateloos op North Sea Jazz. Gewoon omdat je d’r zo verrekt blij van wordt.

En nu nog even ‘Rehab’ van Marcus Miller, vanwege de voorpret.